|
|
|
|
|
|
Peter’s Polder
Vandaag wordt er gesnoekt in een maagdelijke polder. Daar moeten we wat voor over hebben want de maagdelijkheid heeft met bereikbaarheid te maken. We moeten eerst de acrobaat uithangen, zwevend boven het water bijna. Dan moeten we de nodige hekken over, het zullen er wel een stuk of tien zijn geweest. Er ligt wel dan wel een prachtig polderwater waar we met z’n vieren genoeg ruimte hebben om een dag te vissen. Na de kennismaking met Jan-Willem en de koffie bij Peter en zijn vrouw Francine, gaan we opweg en na een korte rit komen aan bij de parkeerplaats vlak bij het begin van het viswater. Er worden drie spinhengels opgetuigd en één hengel voor doodaas. Frits gaat met doodaas zoals hij dat een paar dagen eerder deed (zie het verslag op: www.visbelevenissen.nl) De spinhengels zijn een: 10 grammer, een 8 grammer en een 5 grammer. Een aantal van de hindernissen wordt genomen en dan gaan de spinners het water in. Om en om lopen we de tocht af en zorgen ervoor dat al het water dekkend wordt afgevist. Het eerste half uur geen teken van leven op een minibaarsje na. Maar dan staat Jan-Wilem met een kromme 10 grammer. De eerste snoek is een feit. Niet heel veel later volgt nummer twee, ook gevangen door Jan-Willem. De snoek is ook een maatje groter. We krijgen wel snoekles van hem en als hij op zijn hurken aan de waterkant zit, denk ik aan een zetje…. Er zijn nog drie snoekloze vissers maar niet voor lang. Peter heeft een heel kromme 8 grammer en als de strijd is geleverd, blijkt deze snoek ook weer een maatje groter dan zijn voorgangers. De foto’s worden gemaakt en de buit gaat weer te water. Ik kijk eens om me heen over de weilanden met de paarden en de koeien, prachtig in het tegenlicht! Het is hier goed toeven. De nodige hekken worden weer genomen en we naderen een plek die Peter’s belangstelling heeft want hij vangt daar regelmatig snoek. Na een behoorlijk aantal worpen vanuit dezelfde plek, staat mijn 5 grammer helemaal krom. De snoek gaat diverse keren door de slip en hoewel ik geen idee krijg hoe groot hij is, moet hij toch een redelijk formaat hebben. Als Jan-Willem hem heeft geschept, zie ik dat het een mooi exemplaar is. Ik ga er graag mee op de foto! De vis gaat weer terug in zijn element en na een klap met zijn staart, een stofwolk achterlatend, is hij uit het zicht verdwenen. Er wordt zo nu en dan een beet gemist door losschieten en die opgeteld bij de vangsten doen de snoeken het helemaal niet slecht. In de verte zie ik dat Jan-Willem er nog één heeft gevangen. We nemen nog één hek een gaan dan terug en werpen hier en daar nog een keer. Bij de auto’s aangekomen oppert Frits nog een uurtje in een zijsloot te vissen. Ik doe met hem mee maar Peter en Jan-Willem gaan naar hun afspraken. Het levert ons niet veel op dat extra uurtje. Een heel klein snoekje wordt er nog aan toegevoegd en daar blijft het bij. Frits en ik stoppen er ook mee. We tuigen de hengels af, praten nog wat en nemen afscheid. Het was een voortreffelijke visdag in zeer goed gezelschap. Jan-Willem, Frits, Peter, bedankt, ik heb genoten.
Ap |
|
|
|
|
|
|
|
|
|