Noord-Hollandse karperdag

 

zondag 21 april 2008

 

Frits, Peter, Bas en Dale staan al op de afgesproken plaats als ik samen met Arjan arriveer. Door de rustige zondagmorgen zijn we royaal op tijd. We praten even bij maar gaan dan snel naar de visplek. Na een paar hekken nemen we allen een plekje in. Het is een leuk gezicht zo'n rijtje vissers langs het water, turend naar hun dobbertje. Door de kabbel op het water kunnen we de karper helaas niet opsporen dus worden alle voorgevoerde plekjes één voor één afgevist.

Op het moment dat ik een andere stek ga opzoeken hoor ik dat Arjan al een karper heeft gevangen. Dat is erg leuk voor hem want hij had er een wereldreis voor over om met ons mee te gaan. De volgende die een karper haakt is Dale. Arjan en Dale zijn heel lang de enige twee die een karper hebben gevangen. De lol wordt er niet minder om, iedereen blijft scherp om in het rijtje der vangenden toe te treden.


Peter en Dale hebben intussen afscheid genomen. Frits heeft de kuierlatten genomen en is niet meer te zien. Bas is onder zijn bruggetje vandaan gekropen en neemt ook een stek tussen het riet in. Met z'n drieën pakken we regelmatig een andere stek. Er wordt hier en daar een brasem gehaakt maar geen karper. Bas neemt afscheid en Arjan en ik vissen richting Frits. Als we in de buurt van Frits komen, komt hij ons tegemoet. Een aantal brasems heeft hij gevangen maar nog steeds geen karper. Frits en Arjan gaan alle stekken weer af op de terug weg. Ik blijf op een heel aardig luwteplekje zitten, die hier op dit moment heel schaars zijn. Als er een uurtje is verstreken, belt Frits. Hij heeft in korte tijd drie karpers gevangen. Ze zijn duidelijk actief op de stek waar Frits vist. Ik loop richting Frits en ga even voorbij Arjan zitten.

Na een uurtje hebben Arjan en ik nog geen beet gezien en ik schuif op achter het hek. De pen gaat tegen het riet en is bijna niet meer te zien door de kabbel op het water. het is alweer half zes en als Frits afscheid komt nemen haak ik m'n eerste karper. Frits bedient het net voor me en maakt wat foto's. Als Frits Terug loopt is er alweer een maïskorreltje te water gegaan. De pen is weg en als ik naar de lijn kijk, loopt deze in een snel tempo strak. Een flinke haal en ik haak wederom een karper. Het glas buigt als een knipmes maar dan schiet de haak los en een flinke kolk blijft achter. Het blijf verder stil opp deze plek.

Arjan en ik zijn nog over. We komen van ver dus wat we halen is lekker. We vissen zo lang mogelijk door en profiteren van het mooie licht dat de zakkende zon veoorzaakt en de wind die iets minder wordt. Arjan zit bij het bruggetje en ik op één van de laatste stekken bij het riet. Na een minuut of zo, als ik het niet meer verwacht, gaat de pen schuin onder water en de lijn loopt strak. Dat is er toch nog één. Een mooie zware karper maalt door het water en trekt, als hij dichterbij komt, weer een meter of wat lijn van de slip. Drie meter zeventig coboltglas laat 'm capituleren en het net gaat eronder.

Arjan heeft bij het bruggetje wel beet gehad maar het mocht niets opleveren. We pakken de spullen bij elkaar en lopen naar de auto. We zijn danig verbrand in het gezicht, we zijn rozig zoals Arjan het noemt. De visdag zit erop en ik geef gas, de polder achterlatend in de ondergaande zon.

Frits, bedankt dat we weer in je poldertje mochten vissen. Het was als vanouds heel
gezellig!

Ap