______________________________________________________________________________

7 augustus 2006

 

 

Zoet - Zout - Zoet

 

Gelukkig hoef ik deze keer niet zo vroeg op te staan. Om een uur of zes in de middag is het hoog water dus tussen twaalf en één bij de Mac is vroeg genoeg. Het weer is op een beetje te veel wind na heel prettig. Als Peter bij de Mac aankomt gaan we gelijk naar de kust, de navigatie geheel aan Peter overlatend. Het water is nog erg laag maar we tuigen de hengels toch maar op. Na een paar worpjes lijkt het ons toch zinvoller naar de haven te gaan waar Frits zijn baaravonturen meestal beleeft.

 

Mooi helder water en soms kan je tot op de bodem kijken. Op bepaalde plaatsen dan aan de kant want de haven is op de meeste plaatsen lekker diep. Ik moet met rubber aan de slag en dat is iets wat ik niet veel doe. In de havens is dat een must, zeker om tussen de boten goed te kunnen vissen. We struinen heel wat kantjes af maar nog geen teken van leven. Van Bas heb ik, zelfs maar in één baarsdag, geleerd geduldig te zijn. Volhouden, peuteren en geen plekje vergeten is het devies. Opeens zie ik leven in het midden van de haven. Er draait een vissenlijf een mooi kolkje. Dicht tegen de grond had ik al een paar tikjes gehad maar ik wist niet zeker of het vis was. De havens liggen tenslotte vol met rommel, dat heb ik ook gezien bij Bas, die de meest vreemde voorwerpen naar boven haalt.Ik ga mijn twister van ongeveer 30 jaar oud eens aan de oppervlakte vissen. Een paar tikjes en dan in het midden, boem! De eerste baars is binnen. Peter komt mijn richting op en heeft ook net een baars gevangen. Zo zijn we lekker bezig en vangen enkele baarzen. De spiering in de haven wordt opgejaagd door de baars en is een fantastisch gezicht. We lopen met z'n tweeen nog even naar de overkant om beter bij de plek te komen waar we vermoeden dat de baars zich ophoudt. Een derde visser is er intussen bijgekomen en vertelt ons verhalen om van te likkebaarzen. Hij heeft nu niet zoveel succes en we praten wat terwijl we verder vissen. Een klein baarsje interesseert zich voor de twister. Ik hang er een andere kleur aan. Nog even peuter ik op dat zelfde plekje en beng, een mooi exemplaar. Door de hoge kant kan ik er niet bij maar de onbekende visser staat me bij met zijn net. Het is nu stil gevallen en intussen ook half vier. We moeten maar eens naar de kust naar het zout.

 

 

Zoet - Zout - Zoet

 

Wat een apart gevoel is het om eerst in het zoete water te vissen en dan weer ineens op de dijk aan het zoute water te staan. Je proeft het zilte op de lippen en voelt de verkoeling van het water, de ruimte is inmens. Het water is lekker hoog.en we smijten onze pilkertjes er in. Alleen op één of andere manier kijken we elkaar aan en weten we dat dit niet de juiste dag is voor makreel. Er zijn geen meeuwen te zien of ze zitten op de golven en deinen met ze mee alsof ze er één mee zijn. Weinig vissers ook. We hebben wel wat afleiding door een vader en een zoon die waarschijnlijk voor het eerst op geep vissen. Enorme hengels met aan die van de zoon een geepdobber en aan die van de vader een pilker of zoiets. De zoon zit regelmatig vast op een meter of tien, verder gooit hij niet. De vader probeert de pilker en soms de geepdobber want hij wisselt nog al een keer, op de dobber van zijn zoon te gooien. De vader zal wel spoedig in de wao belanden mocht hij evenveel worpen maken dan wij met onze 10 grammers. Zo zie je maar dat met het juiste materiaal en voorlichting, de één zijn pilker op de kust van Tessel gooit en de ander met zijn gekochte brandhout en weinig of geen voorlichting, zijn pilker verstrikt doet gaan tussen de veters van zijn schoenen.

 

Het effect van de vele worpjes met licht materiaal was lonend want één van de weinige gepen die er waren of interesse hadden in een kunstaasje, vergreep zich aan de pilker van Peter. Het bleef er bij één jammer genoeg. Het was intussen zes uur geworden en was het tijd om de inwendige mens wat te versterken om straks nog tot de avond invalt op karper te vissen in de polder die op 15 minuten afstand van de kust ligt.

 

 

Zoet - Zout - Zoet

De laatste etappe naar de avond toe. We gaan via het bruggetje naar de overkant van de vaart en kunnen dan via een aantal hekken die normaal te openen zijn, langs het water lopen en kijken voor een goede stek. Karper zien we golven maken als we op de dijk lopen. We hebben allebij een stek niet ver van elkaar. Peter gaat het proberen met mais zoals altijd. Ik ga het proberen met boilies. Een paar onderlijntjes gekocht en natuurlijk ook zelf gemaakt. Ik vis graag met mais, kaas en wormen maar je hebt altijd zoveel last van andere vis dan karper. Boilies dus maar wel met de pen. Peter heeft al een zeer mooi ruisvoorntje. Bij mij wil het niet. Eén keer een wegloper die meteen weer stil valt. Als ik ophaal zit alles vol vuil. Dat gaat nog een paar keer zo, niet die beet maar wel het vuil. Op deze plekken zit de karper hier en je moet dus ook een beetje geluk hebben dat je aas goed op de bodem komt te liggen. Peter verkast maar daarna is het ongelofelijk druk op zijn stek. De mais is door alle vissen gevonden behalve door de karper.

 

Het was een geweldige avond met een prachtige zonsondergang. Een prachtige afsluiting van een veelzijdige en enerverende visdag. Niet veel gevangen maar veel gedaan, veel meegemaakt en genoten.

 

 

 

Ap

______________________________________________________________________________